Ondersteuning vanuit onderwijsinstelling
Aanpassing gebouw vs. monumentenzorg
Een hogeschool wil een leuning installeren langs de trap die naar de hoofdingang van het schoolgebouw leidt. Hiermee wil ze tegemoet komen aan de vraag van een student met een functiebeperking. De hogeschool vreest echter dat ze hierdoor in aanvaring zal komen met monumentenzorg. Wat zegt de wet hierover?
AntwoordRecent werd het Vlaams Decreet goedgekeurd dat van kracht wordt op 1 maart 2010: de Stedenbouwkundige Verordening betreffende Toegankelijkheid.
Daarin worden de criteria opgenomen waaraan een nieuwbouw- of renovatieproject moet voldoen wat betreft toegankelijkheid. Wat monumenten betreft bepaalt het Decreet dat er een afweging moet gemaakt worden tussen de erfgoedwaarde en de toegankelijkheid. Deze afweging moet wel gemotiveerd worden maar het blijft natuurlijk arbitrair.
Artikel 35:
Bij vergunningsplichtige werken, die vallen onder de toepassing van artikel 2, §2, 3°; maakt de entiteit, die door de Vlaamse Regering belast is met taken van beleidsuitvoering inzake onroerend erfgoed, in haar advies een afweging tussen de vereisten inzake toegankelijkheid enerzijds en de te behouden erfgoedwaarden anderzijds.Meer informatie over het Vlaams Decreet is te vinden op
www.toegankelijkgebouw.be.
Artikel 35 wordt toegelicht op volgende
webpagina.
Weliswaar is dit decreet nog niet van kracht, en is het ook niet van toepassing op de voorliggende situatie die om een kleine ingreep gaat, maar het geeft wel de denktrant aan. Niet alleen de erfgoedwaarde speelt, maar toegankelijkheid staat op gelijke voet. Dat kan dus zeker uitgespeeld worden in de vraag aan monumentenzorg.
Er kan ook verwezen worden naar het concept van redelijke aanpassingen in de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie, die het niet voorzien van redelijke aanpassingen (bijvoorbeeld het aanbrengen van een armleuning) ziet als een vorm van discriminatie. En naar het recent door België geratificeerde Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap.
Buddy's
Een instelling hoger onderwijs zou graag starten met een systeem van buddy-schap voor studenten met een functiebeperking. Het zou vooral gaan om buddy’s voor de ondersteuning rond alles van huisvesting (samen op kot, samen boodschappen doen, van en naar school komen...).
Heeft het SIHO tips en/of advies?
AntwoordEr zijn al een aantal goede voorbeelden te vinden vanuit Vlaamse instellingen en uit het buitenland. We zetten ze even op een rijtje.
Bij
Begeleiding Studenten met een Handicap vzw (BSH vzw, verbonden aan UGent) werkt men sinds een aantal jaar met omkaderingsgroepen. Dit is wat BSH hierover schrijft op haar website:
‘BSH werkt sinds een aantal jaar met omkaderingsgroepen in de homes waar studenten met een functiebeperking gehuisvest zijn. Een omkaderingsgroep bestaat uit studenten die in dezelfde home of op dezelfde verdieping wonen als de student die assistentie nodig heeft. Via een beurtrolsysteem wordt de dienstverlening rond het wonen op een studentenhome verzekerd, behalve tijdens de weekends, verlofdagen, vakantie-periodes. Concreet kan dit inhouden: boodschappen doen, hulp bij eten, jas aandoen … Het neemt niet veel tijd in beslag! Een financiële vergoeding hangt daar niet aan vast, maar de voldoening dat je er mensen echt mee helpt is heel groot.’
BSH maakt gebruik van een
brochure, om studenten aan te sporen om ‘omkaderingsstudent’ te worden. De brochure wil het voor studenten aantrekkelijk maken om omkaderingsstudent te worden. Het is tegelijk een eerlijke voorstelling van wat van hen verwacht wordt en wat niet.
Aan de
K.U.Leuven werkt met met een systeem die zij
‘Omkaderd Wonen’ noemen. Zo verwoorden zij het zelf op hun website:
‘Omkaderd Wonen is een initiatief van Studentenvoorzieningen K.U.Leuven. Omkaderd Wonen biedt studenten met en zonder functiebeperking de mogelijkheid om samen te wonen, te leven en te leren in Leuven. Studenten met een functiebeperking komen vaak allerlei drempels tegen in hun zoektocht naar een zelfstandig kotleven. De K.U.Leuven wil die drempels helpen wegnemen. Het aanbieden van aangepaste huisvesting in omkaderingsgroepen in gesubidieerde residenties van de K.U.Leuven, is daarvan een voorbeeld. Omkaderingsgroepen bestaan uit 10 tot 15 studenten uit diverse studierichtingen die basisstudies doen aan de K.U.Leuven. Ze wonen in een gesubsidieerde residentie van de K.U.Leuven.
In iedere omkaderingsgroep wonen ook één of meerdere studenten met een functiebeperking (fysiek, visueel, auditief, chronisch ziek). In eerste instantie wonen deze studenten met en zonder functiebeperking gewoon samen op kot, zoals alle andere kotstudenten.
Daarnaast engageren de studenten zonder functiebeperking zich om een stuk vrije tijd te investeren in de assistentie van een medestudent met een functiebeperking.
In een omkaderingsgroep verzekeren de studenten in een soepele beurtrol een 24-uur permanentie voor de medestudent(en) met een functiebeperking: elke student engageert zicht om gemiddeld 4 uur per week aanwezig te zijn op kot, alsook gemiddeld één nacht om de twee weken. Tijdens deze aanwezigheid kan de medestudent met een functiebeperking beroep op hem/haar doen voor assistentie bij dagdagelijkse activiteiten als verzorging, boodschappen, studiemateriaal aanreiken, koken, eten, …
Samen omkaderd wonen, zorgt voor heel wat intense contacten en speciale momenten.
Kortom: wie instapt in omkadering gaat een unieke ervaring tegemoet!
In Canada in het
Centre for Students with Disabilities van Niagara College worden studenten ingeschakeld vooral voor peer tutoring. Voor praktische ondersteuning moeten de studenten er contact opnemen met een andere dienstverlening uit de regio.
GON-begeleiding
Kan een student zelf zijn GON begeleider kiezen? Hoe moet dat dan? Sommige studenten weigeren deze hulp omdat de aangeduide GON begeleider niet voldoet.
Antwoord
Het Vlaams Ministerie Onderwijs en Vorming bevestigt dat studenten hoger onderwijs die GON-begeleiding krijgen niet zelf een GON-begeleider kunnen kiezen. De GON-begeleiding wordt georganiseerd vanuit een school Buitengewoon Onderwijs, en wie GON-begeleiding verzorgt, behoort dus tot hun personeelsbeleid. Vele scholen hebben verschillende GON-begeleiders, maar vaak spelen praktische elementen een rol bij de matching.
Bij het Ministerie is men momenteel aan het bekijken of GON-begeleiding voor het Hoger Onderwijs eventueel anders kan worden georganiseerd. Het valt immers op dat GON vaak in het basis en secundair onderwijs wordt gevraagd, maar niet in het hoger onderwijs.
Wanneer studenten knelpunten ervaren met GON in het hoger onderwijs, is het ministerie zeker geïnteresseerd om deze te horen. Je kan hen deze knelpunten of voorstellen doorgeven, via mail of telefoon. Zij zijn immers ook op zoek naar betere systemen om leerlingen en studenten met een functiebeperking te ondersteunen. Het zou dus goed zijn om hen dit te laten weten.
Contactgegevens:
Els Exter
T: 02/553.89.41
E:
els.exter@ond.vlaanderen.beMomenteel loopt er binnen Hogeschool Gent een kleinschalig onderzoek waar GON in het hoger onderwijs geëvalueerd wordt. De onderzoekers zijn Eveline Dewindt en Tina Goethals (E:
Eveline.Dewindt@hogent.be en
Tina.Goethals@hogent.be). Misschien is het voor hen ook interessant om te horen wat mogelijke moeilijkheden zijn.
Leerateliers voor studenten met dyslexie
Is het nuttig om specifieke leerateliers te verzorgen voor studenten met dyslexie of kunnen zij mee stappen in de ‘algemene’ leerateliers?
AntwoordHet is niet nodig om specifieke leerateliers op te starten voor studenten met dyslexie. Behalve wanneer het gaat om ateliers rond voorleessoftware (Sprint Plus, Kurzweil 3000…). Hoe wordt deze software gebruikt? Voor welke doelen?
Volgende leerateliers zijn nuttig voor studenten met dyslexie, maar ook voor andere studenten:
- Technieken om snel te leren lezen (eerst inhoudstafel bekijken, dan de verschillende hoofdstukken, dan de onderverdelingen…)
- Memotechnische truckjes om iets van buiten te leren: bv. ezelsbruggetjes, je bedenkt een route die je kent en daar plak je de zaken op die je moet onthouden…
- Hoe kan de computer je helpen studeren? Overhoorsoftware, fora, mind-mapping...
- Time management: korte- en langetermijnplanning
Online documentatie over studeren met ADHD
Een aanspreekpunt is op zoek naar online informatie over studeren met ADHD.
AntwoordHieronder een aantal websites met interessante informatie over studeren met ADHD:
Toegankelijkheid gebouwen hoger onderwijs
Naar aanleiding van de parlementaire vraag van Kathleen Deckx betreffende de toegankelijkheid van schoolgebouwen en het lezen van "De schoolgbouwenmonitor 2008" van het AGIOn zou ik willen vragen of jullie binnen het SIHO een zicht op hebben hoe dit hoe de toegankelijkheid voor personen met een handicap in de hogescholen is gesteld; Als ik "De schoolgebouwenmonitor immers goed gelezen heb, heeft het AGion de hogescholen niet bevraagd (en kan dit dus wel anders zijn dan in de andere onderwijsniveaus). Dit ondanks het feit dat het AGIOn een beeld van het geheel wil geven.
Antwoord
In 2009 verscheen het
rapport van de informatieronde van het SIHO (SIHO (2009).
Informatieronde. Diepgaande bevraging bij Vlaamse hogescholen en universiteiten). Hierin werden 12 instellingen hoger onderwijs bevraagd over uiteenlopende zaken. Het ging om een vrijwillige bevraging. Eén van de aspecten van die bevraging was ook de fysieke toegankelijkheid van de gebouwen (maar zeker niet in de vorm van een grote check-up).
Verder proberen we de verschillende instellingen hoger onderwijs aan te moedigen om hier verder aandacht voor te hebben. Dit gebeurt op vraag (bv. via ad hoc vragen rond subsidies, normen toegankelijkheid...). Daarnaast gaan we de onderwijsinstellingen ook informeren zonder de aanleiding van een concrete vraag (bv. ontmoetingsdag met de aanspreekpunten voor studenten rond toegankelijkheid,
themanieuwsbrief rond toegankelijke gebouwen (december 2009), goed internationaal voorbeeld in een
nieuwsbrief rond toegankelijkheidsverbetering binnen een instelling hoger onderwijs (november 2009)...).
In het onderzoek met de schoolgebouwenmonitor van Agion heeft men inderdaad zich beperkt tot het leerplichtonderwijs. De toegankelijkheid van universiteiten en hogescholen werd dus niet gescreend. Agion geeft als reden hiervoor aan de enveloppefinanciering van de hogescholen. Zij krijgen periodiek een bedrag. De hogeschool heeft zelf de verantwoordelijkheid voor de infrastructuurprojecten te bekostigen. Er wordt, zo zegt Agion zelf, weinig beleid hier rond gevoerd.
Voor meer informatie gaven ze me door dat u contact kan opnemen met Anne De Meulemeester 02/221 05 92
Voorts is het mogelijk dat hogescholen of universiteiten hun gebouwen laten screenen door provinciale adviesbureaus. Op de ontmoetingsdag voor de aanspreekpunten is hier iemand komen over spreken. We hebben er echter in het SIHO geen zicht op of er al een screening van (een deel van) de gebouwen gebeurd is door onderwijsinstellingen.
Voorbereiding op Erasmus
Voorbereiding van een student met een functiebeperking die op Erasmus gaat.
Antwoord
Overzicht van een aantal initiatieven die hiertoe kunnen bijdragen:
Een nieuwe versie van de
Higher Education Accessibility Guide is in de maak. HEAG streeft ernaar een coherente informatiegids rond toegankelijkheid van het hoger onderwijs aan te bieden aan studenten met functiebeperkingen die overwegen te studeren of effectief reeds studeren in het hoger onderwijs eender waar in Europa. De informatie die via HEAG verspreid wordt, zal studenten met functiebeperkingen helpen wanneer zij in het buitenland willen studeren, om te beslissen welke Europese instellingen voor hoger onderwijs hen de ondersteuning kan geven die nodig is om tegemoet te komen aan hun specifieke noden. De website (die reeds in een eerder project ontwikkeld werd en waar info van de 15 landen op terug te vinden is), vind je via
www.heagnet.org.
Project
‘Study abroad without limits’. Op de website (
www.studyabroadwithoutlimits.eu) kunnen studenten met een functiebeperking in contact komen met studenten met een beperking uit andere landen (Zweden, Ierland, Oostenrijk, Nederland), evenals een coördinerende organisatie. De student kan op de website informatie vinden, evenals concrete vragen stellen.
Het Nederlandse Handicap + Studie heeft een
brochure rond studeren met een functiebeperking in het buitenland. Sommige zaken zijn in Vlaanderen misschien minder van toepassing, maar er staan ook heel veel nuttige tips en ervaringen in, die ook studenten hier kunnen helpen. Je vindt de pdf terug op volgende link:
http://www.onderwijsenhandicap.nl/upload/sitecontent/studerenbuitenland.pdf.
Good practices: Blindenzorg Licht en Liefde lanceerde een oproep op het internetforum Bliksem voor blinden en slechtzienden naar ervaringen van mensen met een visuele beperking die reeds op Erasmus gingen. Het SIHO tot nu toe al drie heel leuke reacties. De student kan via SIHO met hen contact kan opnemen als hij dat wil.
Vorming voor studentenbegeleiders
Een instelling hoger onderwijs wil vorming organiseren voor haar studentenbegeleiders.
- Heeft het SIHO leuke ervaringsoefeningen/materialen om functiebeperkingen (ADHD, dyslexie, autisme) te laten ervaren door studentenbegeleiders?
- Hoe vergaat het studenten met dyslexie als ze afgestudeerd zijn? Wat gebeurt er in het bedrijfsleven? Bestaan daar ook faciliteiten? Heeft het SIHO hier meer informatie/onderzoeksgegevens over?
- Heeft het SIHO zicht op informatie/materialen/literatuur waarin leeradviezen staan voor studenten met een functiebeperking?
Antwoord1. Heeft het SIHO leuke ervaringsoefeningen/materialen om functiebeperkingen (ADHD, dyslexie, autisme) te laten ervaren door studentenbegeleiders?Het SIHO heeft zelf geen materialen. Maar er zijn wel een aantal andere organisatie die dat wel hebben. Hieronder een overzichtje van een aantal leuke materialen. Als je de verschillende organisaties contacteert kunnen zij je misschien nog verder helpen.
Autisme Centraal‘autimatisch (video – dvd) – een visuele uitleg over autisme’: Video over normale begaafdheid en autisme of 61233 beelden over autisme. Een groepje volwassenen met autisme vertelt over hun diagnoseweg en hun leven met autisme. De film illustreert de specifieke moeilijkheden waarmee ze te maken krijgen. Ze stoten op veel onbegrip en ongeloof bij het uitleggen van hun handicap: “Ons autisme is niet altijd even zichtbaar en zeker niet op de klassieke manier.” Bij de video/dvd steekt ook een kleine brochure met uitleg over autisme en normale begaafdheid.
‘Mijn bloknootje 1-2-3-4-5-6-7’: Een bloknoot met verrassende cartoons van ‘wij’. Onverwacht tussen de schrijfblaadjes duiken een 25-tal humoristische tekeningen op. De cartoons verwijzen naar de autistische denkstijl: woorden worden letterlijk begrepen, zaken en situaties hyperconcreet geïnterpreteerd, abstracte betekenissen worden op een erg concrete en hyperrealistische manier vorm gegeven. Ze confronteren ons op speelse wijze met het feit dat de gewone manier van begrijpen en waarnemen niet de enige is.
Autisme Centraal biedt ook
opleiding op maat aan.
Tel.: +32 (0)9 238 18 18
Fax: +32 (0)9 229 37 03
E-mail:
info@autismecentraal.com Vlaamse Vereniging Autisme (VVA)VVA organiseert in verschillende provincies ‘inleefmomenten’: Mensen zonder autisme kunnen lezen en leren over autisme, maar hoe het voelt om autisme te hebben is nog een andere zaak. Tijdens deze bijeenkomst maken ze gebruik van enkele inleefmethodieken om zo dicht als mogelijk bij het 'autistisch voelen' te komen.
Bel de autismetelefoon 078/152.252, fax op 09/218.83.83 of mail naar
vva@autismevlaanderen.be voor meer informatie.
ZitstilNaast tal van activiteiten in verschillende provincies, kan je hier ook terecht voor activiteiten op maat rond ADHD.
Centrum ZitStil
Boomsesteenweg 508
2020 Antwerpen-Kiel
T 03 830 30 25
F 03 825 20 72
info@zitstil.be LetopLetop organiseert geen lezingen of workshops, maar bij hen kan je terecht met vragen over leerstoornissen.
Misschien is het ook interessant om
(oud)studenten aan het woord te laten en hun ervaringen te laten delen?
Hierbij aansluitend kunnen we meegeven dat er vanuit eigen
onderzoek
(
Studeren met een functiebeperking in het Vlaamse hoger onderwijs.
Exploratieve studie naar de beleving van (oud)studenten in drie Vlaamse
instellingen voor hoger onderwijs, SIHO, 2009) ook studenten aan het
woord zijn gekomen. In het begin van het rapport komen enkele
‘portretten’ aan bod. Het verhaal van Koen en Laurent, die beide
dyslexie hebben, is wel interessant om lezen.
2. Hoe vergaat het studenten met dyslexie als ze afgestudeerd zijn? Wat
gebeurt er in het bedrijfsleven? Bestaan daar ook faciliteiten? Heeft
het SIHO hier meer informatie/onderzoeksgegevens over?In het kader van het aanmoedigingsfonds is de Hogeschool Gent wel bezig met het project
‘Af/studeren met een functiebeperking’. Zij voeren kwalitatief onderzoek uit aan de hand van interviews, onder andere ook met oud-studenten in het werkveld. Begin december 2010 geven zij hierover een tweedaags congres waarin de resultaten zullen gepresenteerd worden.
Het kan interessant zijn om zelf één of meerdere oud-studenten op te zoeken en te polsen of zij bereid zijn om hun ervaringen te komen vertellen.
Vanuit het SIHO zijn we bezig aan een wegwijzer rond werken met een functiebeperking. Hierin zullen tal van tips en informatie opgelijst staan. Deze zomer zal de wegwijzer beschikbaar zijn.
Eenmaal oud-studenten aan het werk zijn, kunnen ze een beroep doen op BTOM (bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregelen). Deze zijn gelijklopend met onderwijs–en examenfaciliteiten in het hoger onderwijs. Dit is een belangrijk argument naar professoren, docenten en lectoren toe om het nut aan te tonen van die faciliteiten.
Zowel tijdens de sollicitatie als tijdens het werk zelf hebben mensen met een functiebeperking recht op redelijke aanpassingen. Dit zijn aanpassingen die in een concrete situatie gedaan worden om de onaangepaste omgeving voor een persoon met een beperking zoveel mogelijk te neutraliseren; tenzij ze een onevenredige belasting vormen voor de persoon die deze maatregelen moet treffen. Het ontbreken van die redelijke aanpassingen voor personen met een beperking, is discriminatie (Wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie, artikel 4).
Meer informatie:
•
Concrete voorbeelden redelijke aanpassingen bij sollicitaties en bij tewerkstelling•
de website van de VDABNaast de maatregelen voor werknemers zijn er ook maatregelen voor werkgevers die een extra duwtje in de rug kunnen betekenen om iemand met een extra behoefte aan ondersteuning aan te nemen. Bovendien zien we ook dat heel wat werkgevers ook open staan voor diversiteit binnen hun team en dit ook als meerwaarde ervaren.
3. Heeft het SIHO zicht op informatie/materialen/literatuur waarin leeradviezen staan voor studenten met een functiebeperking? We verwijzen je graag naar de studietips op de website van het Nederlandse
Handicap + Studie.
Op basis van selectie van een beperking enerzijds en een studieactiviteit anderzijds krijg je telkens een lijst met studietips.
Op de website van het SIHO staan een aantal
toegankelijke onderwijstechnieken (onderwijswerkvormen, cursusmateriaal en evaluatievormen) die docenten kunnen aanwenden om tegemoet te komen aan een grote diversiteit aan studenten.
De
BV-databank brengt beschrijvingen samen van bestaande studentgecentreerde en activerende leeromgevingen uit het Vlaamse hoger onderwijs. Daarnaast kan je in de databank terecht voor 'onderwijskundige steekkaarten'.
Interessant rond dyslexie is het boek ‘Protocol dyslexie hoger onderwijs’ (Kleijnen & Loerts (Red.), 2006). Op
deze link kan je de inhoudstafel van het boek raadplegen, evenals bepaalde onderdelen.
Na deze specifieke informatie willen we er graag op wijzen dat het belangrijk is om in dialoog te gaan met elke student, ongeacht zijn beperking. Elke student is immers anders en weet best wat hij zelf nodig heeft of wat voor hem werkt. Algemeenheden over dé student met autisme, dé student met dyslexie of dé student met ADHD moet zeker vermeden worden.
Terug naar overzicht ad hoc vragen